Nacht in Amsterdam. Samen met vriendin L. zit ik na een avondje stappen in de Burger King. Het tl-licht geeft de vlekken bier op onze kleren pijnlijk duidelijk weer. We hangen boven een bak friet die naar karton smaakt. We verbazen ons over alle lallende mensen om ons heen. Het is vier uur 's nachts en er strompelen twee jongens op ons af.
Ik kijk L. een beetje angstig aan. Ze zien eruit alsof ze net een drugsfeestje achter de rug hebben en nu het plan hebben om ons te ontvoeren in een vies bestelbusje naar Oezbekistan om ons daar voor eeuwig gesluierd door het leven te laten gaan. Maar goed, we zijn beleefd en kijken de twee jongens geïnteresseerd aan.
Ze hebben een probleem. Rood en vlekkerig van schaamte delen ze ons mede dat een vriend van hun in de put zit en hulp nodig heeft. Ik zie gelijk een krijtbleke jongen voor me die knockout door de alcohol en de drugs in de vuilnisbakken op het Leidseplein is gekropen. Dit blijkt niet het geval. De jongen in kwestie ligt gewoon in bed en heeft een meisje nodig om hem te troosten.
“Waarom bestel je dan niet gewoon een meisje?”, stel ik behulpzaam voor. Dit vinden de jongens te onpersoonlijk, hij heeft echte liefde nodig. Aangezien ik al sinds geruime tijd een vriend heb en L. de jongens al sinds geruime tijd heeft afgezworen, lijkt dit me geen goed idee. We proberen ze op een vriendelijke, doch besliste manier weg te bonjouren maar dan komt hun plan op tafel.
We moeten hem gewoon even opbellen om hem een hart onder de riem te steken. Ik ben geïntrigeerd door deze twee blozende types die hun ziel hier op de Burger King-tafel leggen. Aarzelend pak ik de telefoon aan en zie het nummer en de naam van de hulpeloze jongen voor me in de telefoon staan: René Pot!
De telefoon gaat over en een verlegen jongensstem ruist aan de andere kant van de lijn.
"Dag René Pot, jij kent mij niet.
Ik zit nu in de Burger King met twee vrienden van jou. Ken jij Wouter en Frits?
Oké. Ik hoorde dat jij in de put zat en niet zo gelukkig bent. Dat moet niet, je moet gelukkig zijn!
Hè, wat vervelend...
Nou, bij deze een hart onder de riem van ons. Ga nu maar lekker slapen en droom zacht..
Ja, bedankt. Doeg."
Met een werkelijk gemeende stralende glimlach bedanken de twee jongens ons. Wat zal René Pot daar blij mee zijn, het heeft vast geholpen! Ze lopen weg en boven onze koudgeworden frietjes beleven mijn vriendin en ik een gelukzalig moment. Wij hebben het leven van René Pot op deze mooie lenteavond in Amsterdam ietsje draaglijker gemaakt.
|
Wat grappig, door op mijn eigen naam te googelen kom ik ineens dit bericht tegen. Ik kan het me nog goed herinneren. Dat wat is een leuke stunt van Wouter en Frits, alleen heb ik die nacht bijna niet meer kunnen slapen, maar ik waardeer wel de humor. |
|
Last week we went to Burger King and thought about you :) |
|
Ja lap. |
|
Ach die arme Rene Pot... Maar gelukkig hebben jullie 'm opgevrolijkt! |
|
Ach die arme Rene Pot... Maar gelukkig hebben jullie 'm opgevrolijkt! |
|
haha, tuttebol. |
|
Whaha, dat is echt mooi. Heb jij weer een goede daad verricht!! |
|
Ik neem aan dat je een schuilnaam hebt gebruikt voor Meneer P. Dat hij in het echt bijvoorbeeld Meneer S. heet, toch?? |
