Afgewezen worden is niet leuk, zelfs niet als je de dochter van een Romeinse vorst bent. Maar Salomé geeft niet op: zij moet en zal de mond van Johannes de doper kussen: kostte wat het kost! Paul van der Waterlaat maakte op basis van de beroemde toneeltekst Salomé van Oscar Wilde een indrukwekkende, bewegelijke voorstelling.
Dochter van een zondares
Tijdens het feest van de tetrarch Herodes glipt diens stiefdochter Salomé naar buiten. Daar hoort ze een bijzondere stem die zegt dat de Messias nadert. Het einde der tijden is nabij. Het is Johannes de Doper, die opgesloten zit in een diepe put. Volgens sommigen is hij een profeet; anderen noemen hem gestoord. Salomé raakt gefascineerd door deze man, maar hij wil niets van haar weten. Dit maakt haar nog vastberadener om dicht bij hem te komen.
Muzikale tekst
Salomé opent met mysterieuze muziek en een mysterieuze dans die de decadentie van het feest goed weergeven. Lotte van Poppel (Salomé) weet zich bewonderenswaardig vrij op het podium te bewegen – niets lijkt haar moeite te kosten. Muziek en dans blijven een belangrijke rol spelen in Salomé. Deze stijl sluit goed aan bij de oorspronkelijke tekst, die zeer bloemrijk, bijna muzikaal is. Deze tekst is grotendeels intact gehouden, er lijken slechts wat passages verwijderd te zijn om het tempo erin te houden.
Onthoofd
Er zijn ook elementen die minder uit de verf komen. Herodes kan zijn ogen niet van Salomé afhouden: hij vindt zijn stiefdochter zo mooi, zo puur. Dit wordt met veel woorden en bewegingen duidelijk gemaakt maar heeft meer iets komisch dan iets wrangs. Herodes vraagt Salomé voor hem te dansen. In ruil voor deze dans wil hij haar alles geven wat haar hart begeert. Zij vraagt hem het hoofd van de man die haar afwees. Wanneer hij is gedood, is het Johannes zelf die zijn afgehakte hoofd aan haar overhandigt. Op zich een leuk idee, maar het is hierdoor moeilijk voor te stellen dat de kop van papier-maché ook echt van hem is.
Gouden wanden
De aankleding van het stuk ziet er doordacht uit. De troon van Herodes staat voor een oerlelijke gouden wand en hij draagt potsierlijke, 18e-eeuwse kleding, een goede aanvulling op het decadente karakter van het stuk. De kleding van de andere acteurs is ook goed gekozen, maar het is jammer dat de twee muzikanten in spijkerbroek gekleed zijn. Zelfs al – of juist vooral – speel je elektrische gitaar: het valt uit de toon. Verder zit het wel goed met het de entourage, die samen met de tekst en beweging vooral voor de onheilspellende sfeer zorgt die Salomé zo sterk maakt.
Salomé, gezien op vrijdag 17 juni in De NWE vorst Tilburg .
Regie: Paul van der Waterlaat
Spel: Martin van Bommel, Piet van Eijkeren, Lotte van Poppel, Annemarike Ruitenbeek e.a.
