Overal ter wereld prijkt het hoofd van de mysterieuze icoon Ernesto 'Che' Guevarra op T-shirts en hangen te pas en te onpas posters bij mensen aan de muur. Toch kun je er bijna vergif op innemen dat zeker de helft van de Che-consumenten de details van de revolutie, laat staan van de rest van zijn leven, nauwelijks kent. De makers van Che: Part One en Che: Part Two hebben hier vast een gat in de markt gezien: Che sells.
Che-tweeluik
Benedicio Del Toro, in de rol van zijn leven, opperde het idee van een film over het Cubaanse icoon al in 2000 aan regisseur Stephen Soderbergh, tijdens de opnamen van Traffic. Gekozen werd voor een tweeluik, tweemaal meer dan twee uur revolutionaire strijd. En, is het wat?
Sigaren roken en brainstormen
Che: Part One begint in 1955 in Mexico City, waar onze hoofdpersoon zich aansluit bij Cubaanse ballingen, die hem aan Raúl en Fidel Castro voorstellen. Een shot van de twee symbolen van de revolutie, Che en Fidel, sigarenrokend op het balkon en brainstormend over een revolutie, vormt zowel het start- als eindpunt van de film.
Gepassioneerde speech
Het grootste deel van de film laat zien hoe Che met kornuiten eind jaren vijftig vanuit de jungle een marxistische revolutie ontketent op Cuba. Om de vrij lange episode in de jungle behapbaar te maken wordt de verhaallijn afgewisseld met zwart-wit-beelden uit 1964, wanneer Che als Cubaanse minister op bezoek is in Amerika. We zien hoe hij kritisch door een journaliste wordt geïnterviewd en in de Algemene Vergadering van de VN een gepassioneerde speech houdt tegen het Amerikaanse imperialisme.
Claustrofobische jungle
Che: Part Two maakt een sprong vooruit in de tijd en begint in 1965, wanneer Che, die inmiddels als minister de scepter zwaaide onder Fidels bewind, het guerillakostuum weer aantrekt en met een klein groepje revolutionairen in Bolivia een gelijksoortige revolutie probeert te ontketenen. In tegenstelling tot de eerste film loopt deze film slecht af voor Che en kornuiten: de Boliviaanse communisten trekken hun steun al snel terug, de boerenbevolking vertrouwt ze niet en het leger zit ze op de hielen. Tot slot zien we onze held zelf ook langzaam aftakelen, als zijn astma hem in de claustrofobische Boliviaanse jungle ernstig parten speelt en hij uiteindelijk wordt geëxecuteerd.
Grootste zwakte
Vrijwel meteen na de eerste ontmoeting met Fidel Castro wordt Che in deel een lid van diens revolutionaire beweging, maar zijn ideologische motivatie wordt in beide films weinig duidelijk en dat is een groot mankement aan de reeks. Zijn bewustzijn van armoede en sociale ongelijkheid, wat groeide tijdens zijn reizen door Zuid-Amerika in de jaren daarvoor, en dat zo mooi uitgebeeld wordt in The Motorcycle Diaries, wordt als gegeven genomen in de film en daarin zit dan ook de grootste zwakte.
Alles om Che
Hoewel Che fenomenaal wordt neergezet door Del Toro mist het karakter een zekere diepgang. Alles draait om de persoon Che, maar tegelijkertijd blijven zijn herkomst en leidmotieven vaag, waardoor hij niet meer dan een revolutionaire actieheld is. Waar in deel een nog hoop en spanning in de opbouw zit, is deel twee, op een aantal goede scènes na, toch niet veel meer dan een soms wat saai, compleet chronologisch verslag. Het is dat Del Toro zo fantastisch speelt en alles zeer innemend gefilmd wordt (vooral in deel twee wordt de claustrofobische jungle bijna eng goed overgebracht), want ruim twee uur jungle is een hele beproeving.
Wel gaan
Dus, wel of niet gaan? Wel gaan, maar vermijd een marathon, want dat trek je niet en kijk liefst eerst nog The Motorcycle Diaries, om het nodige inzicht in Che’s leidmotieven te krijgen. Qua casting zal je niet teleurgesteld worden en beide films bevatten ook genoeg prachtige scènes, waarin Soderbergh er helemaal in geslaagd is de sfeer van de landen op het publiek over te brengen. Twee meesterwerken met een aantal grote kanttekeningen – dat vat het toch wel zo ongeveer samen.
Gezien: Che: Part One en Che: Part Two. Deze films draaien sinds half maart in de bioscoop.
